Kerst is niet zomaar een feest, het bestaat al duizenden jaren, zelfs van voordat de naam Kerstmis bestond. In al die eeuwen veranderde er veel, maar bleven ook tal van dingen behouden. Daarom nemen wij maar eens een duik in het verleden op zoek naar de oorsprong en de veranderingen in het kerstfeest.

Door Kees van Kemenade

De zon zakt steeds meer en blijft nog maar een klein stukje boven de horizon. Wat als hij straks overdag helemaal ondergaat en niet meer opkomt? Duizenden jaren lang waren de mensen bang daarvoor. Maar dan: de daling houdt op en de zon vertoont al tekenen van herstel. Het lijkt of hij weer stijgt. Dat moet gevierd worden. De Romeinen noemden dat het feest van de Onoverwinnelijke Zon, of als je van Latijn houdt ‘Sol Invictus’. Veel en lekker eten was een vast onderdeel van de festiviteiten. Zo rond het jaar 300 kregen de christenen de overhand in het Romeinse Rijk. Zij plaatsen voor het gemak, want niemand wist precies wanneer Jezus geboren werd, die gebeurtenis op het zonnefeest. Zo komen wij dus aan kerst op 25 december.

De os en de ezel

De winter komt er nu aan en daarom sierden de mensen duizenden jaren geleden hun woning al op met groenblijvende planten, een dennen- of een hulsttak met rode besjes, een maretak (mistletoe in het Engels). Vooral de maretak werd in veel landen populair, omdat er het gebruik bij ontstond om elkaar te kussen onder de mistletoe. De boom is steeds gebleven, al vonden sommige christenen het een heidens symbool. In het begin versierde men die naaldboom met wat slingers en een paar kaarsjes, maar in de loop van de tijd veranderde dat vanwege de veiligheid in elektrische kerstverlichting. De simpele ronde ballen kwamen er ook in te hangen, maar die evolueerden tot allerlei figuren als versiering. Zelfs kun je nu al een worstenbroodje in je boom hangen voor een Brabantse verwijzing. Voor de mensen was het na 300 toch een christelijk feest geworden. Franciscus, de heilige, kwam met het idee om een kribbe in de kerk te plaatsen, de houten voerbak die voor de pas geboren Jezus als wiegje diende. Kerststal en -figuren vonden spoedig een weg naar de woningen van de gelovigen. Het kerstverhaal en verwijzingen uit de bijbel zorgden voor allerlei figuren, als de ster en de engelen, de herders en hun schapen. Uit het oosten kwamen de Wijzen op hun kamelen. Een os en een ezel, het rijdier van Maria, hielden het Kind warm met hun adem. Het werd een goed gebruik om een mooie kerststal in de woonkamer te zetten, later gecombineerd met een mooie groene spar. Bij de stal werd er gezongen. Mooie, gedragen, oude liederen met woorden die je als kind niet begreep … ‘Gaat naar geender strate en gij zult hem vinden klaar …’ Maar ze klonken wel indrukwekkend plechtig.

Feest van vriendschap

Maar de interesse in de religieuze oorsprong van het kerstfeest begon terug te lopen. De populaire cultuur van de V.S. raakte via de televisie overal bekend. Mensen kregen steeds meer vrije dagen rondom het einde van het jaar. Dat zorgde voor de opkomst van de Kerstman, die gewapend met zijn bel mensen oproept om te komen kopen. De verhalen rondom de Kerstman kreeg men erbij cadeau: de arrenslee met de rendieren ervoor, die met hun belletjes in tal van moderne kerstliedjes doorklinken. Kerstfeest werd steeds meer een viering van gezelligheid, met het steeds gebleven lekkere eten in de familiekring. Met kerstfilms op de TV, die liefde en harmonie preken. Geschenken horen daar ook bij. Vroeger kreeg je een cadeautje met Sinterklaas, maar nu kwamen de pakjes onder de boom te liggen. Een heel nieuw gebruik werd het versieren van huis en tuin met symbolen die naar het feest verwijzen. De ster natuurlijk, kerstbomen, maar ook kerstmannen met hun uitrusting. Allemaal keurig verlicht en dat geeft sfeer in de straat. Het werkt ook aanstekelijk. De buurman volgt het na en nu zijn er al straten die begin december aan de slag gaan om heel de straat te voorzien van guirlandes van lampjes. In onderlinge samenwerking worden de werkzaamheden uitgevoerd, helemaal in de echte kerstsfeer van vriendschap. Is de religie nou dan helemaal uit het kerstfeest verdwenen? Nee hoor, in elk dorp bouwt men in de weken voorafgaand een kerststal op in het hart van het dorp. Daar staan Jozef, Maria en het Kerstkind, vaak omringd door een herder en levende dieren. Families maken tussen de gangen van het diner een wandelingetje met de kinderen om de stal te bewonderen en brengen zo de kerstgedachte over op volgende generaties. Kerst past zich aan de moderne tijd aan en zal wel blijven veranderen. Wie weet hoe het over een eeuw gevierd gaat worden? Maar blíjven zal het zeker.