In Brabant zeggen we het graag zoals het is – liefst in onze eigen taal. Maar steeds minder mensen kennen de oude spreekwoorden en gezegdes. Zonde, want daarin zit een schat aan humor en wijsheid verstopt. In deze column haal ik om de twee weken spreekwoorden uit de vergetelheid. Mét uitleg, een beetje achtergrond… en altijd met een glimlach. Want in Brabant lachen we graag – ook om onszelf.
Wit u dat:
-De bekendste kerken in Brabant, de Grote Kerk in Breda en de St Jan in Den Bosch zijn.
-De Grote Kerk, die vroeger de Onze-Lieve-Vrouwekerk heette, na de Tachtigjarige Oorlog, een protestantse kerk is geworden, zoals alle katholieke kerken in die tijd.
-De kerk nog steeds een protestantse kerk is, terwijl alle andere katholieke kerken terug zijn gegeven aan de katholieke bevolking.
-Willem van Oranje begraven zou worden in deze kerk als Breda op het moment van zijn overlijden niet in Spaanse handen was.
-Er in Nederland ongeveer 7000 kerkgebouwen zijn. 3000 daarvan hebben geen godsdienstige functie meer. Bijvoorbeeld een: een restaurant, een gemeenschapshuis en wooncomplex. Of staan leeg.
De kerk moet deur het kerkstraotje.
Wordt gezegd bij een zware bevalling.
Vroeger was er nog geen keizersnede en kwamen zware bevallingen vaker voor. Als het kindje in de baarmoeder verkeerd ligt, wordt er nu bijvoorbeeld een keizersnede toegepast. Tegenwoordig kiest men ook soms voor een keizersnede om esthetische redenen.
Men zegt dat het woord van keizer Julius Caesar komt, die zo ter wereld kwam. Maar dat klopt niet.
Mogelijk komt het van het Latijnse woord caedere wat snijden betekent.
De eerste keizersnedes, die moeder en kind overleefden, werden vanaf 1500 uitgevoerd. Binnen de Katholieke Kerk was er nogal wat weerstand tegen de keizersnede. De bevalling moest natuurlijk zijn. Ook al ging dat ten koste van de vrouw. Het kind was binnen het RK geloof belangrijker dan de vrouw.
Drie maal rond de kerk is zo goed as eens erin.
Verontschuldiging van iemand die niet naar de kerk gaat ofwel een katholieke smoes.
Naar de kerk gaan in Brabant betekende vroeger elke zondag naar de mis gaan. Een volle kerk dus!
De zondagse dienst overslaan was een hoofdzonde. Maar de meeste kerken zijn nu op zondag bijna leeg.
Kerken hebben bijna allemaal een toren. De kerken zijn dus goed zichtbaar. Meestal hangen in die toren de kerkklokken. Dat is om de gelovigen op te roepen naar de kerkdienst te komen. De klokken waren voor de boeren ook een horloge. Ze wisten dan hoe laat het was. In oorlogstijd waren de kerktorens vaak uitkijkposten. En natuurlijk waren de kerk en kerktoren ook statussymbolen voor de stad en het dorp waarin ze stonden. Vandaar veel pracht en praal soms.
De pastoor, de kapelaan, de koster en de misdienaars zijn de belangrijkste werknemers in de katholieke kerken.
De inventaris van de kerk bestaat onder andere uit: altaar, preekstoel (waar men nooit op zit), biechtstoel, orgel, koor, doopvont, sacristie, kerkbanken en knielkussens.
Nergens komen as in de kerk en onder d’n meulen.
Alleen maar in de kerk en onder de molen komen.
Doen alsof je van niets weet, nergens van weet.
Vooraon in de kerk is ’t werm, achteraon is het erm.
Vooraan in de kerk is het warm, achteraan is het arm.
De rijken en belangrijke mensen zaten vooraan in de kerk.
Niet alleen dat, maar hadden een eigen plaats of naambordje.
Denk aan: de dokter, de notaris, het schoolhoofd en de burgemeester.
Waar gaat zij naar d’n kerk?
Werd gebruikt door jongemannen om te vragen waar een meisje woonde.
In elk Brabants dorp was natuurlijk een kerk.
Ze ebbe ook nie ammel bellekens aon, die naor de kerk gaon.
Ze dragen ook niet allemaal belletjes, die naar de kerk gaan.
Gezegd van een bruidje dat moest trouwen, omdat ze zwanger was. Een moetje dus.
Kan ook gezegd worden als men denkt dat het bruidspaar ziekten of schulden heeft.
In Nederland werden begin jaren '50 ongeveer een kwart van de huwelijken gesloten wegens 'moetjes'.
In sommige plaatsen in Brabant was zelfs 90% van de bruiden ongewenst zwanger.
Veranderende maatschappelijke opvattingen en de groei van het gebruik van anticonceptiemiddelen hebben geleid tot een sterke afname van 'moetjes'.
Het Nederlandse spreekwoord 'voor het zingen de kerk uit' verwijst naar het voorkomen van 'moetjes'. Ofwel coitus interruptus. Het zingen en de kerk hebben hier wel een hele andere betekenis dan de normale...
Bende gij in de kerk geboren?
Ben je in de kerk geboren?
Vraag aan iemand, die binnenkomt en de deur open laat staan.
In Brabant is dat niet zomaar een opmerking. Vroeger stonden de kerkdeuren namelijk altijd open om de gelovigen te ontvangen. Daarom was het in de kerk vaak kouder dan buiten.
Dus de volgende keer als iemand bij u in huis een deur open laat staan, dan zegt u:
'Bende gij in de kerk geboren.' Men zal u vreemd aankijken. Maar u kunt de ander weer een mooi Brabants spreekwoord leren.
Tot over 14 dagen
Fer van Vuuren
